Wethouder De Robles: “Deze baan past goed bij me”

Ruim een half jaar geleden naam José de Robles het stokje over van ‘oudgediende’ Ria Zijlstra als wethouder Onderwijs en Sociaal Domein van de gemeente Uithoorn. Hoe kijkt hij terug op de afgelopen maanden? En wat kunnen we nog meer van hem verwachten? José de Robles vertelt.


Foto: wethouder José de Robles (Foto gemaakt door: Patrick Hesse / VisionQuest)

U was elf jaar raadslid in de gemeente Uithoorn en nam ongeveer een half jaar geleden de stap om wethouder te worden. Hoe bevalt het?
“Ik heb redelijk veel gedaan op professioneel vlak. Maar ik kan met alle eerlijkheid zeggen dat deze baan mij het meest bevalt. Hij past goed bij me!”

Hoe kijkt u terug op uw eerste maanden als wethouder?
“Met een goed gevoel. Een van mijn grote wensen is om de samenhorigheid te vergroten. Ik zeg het wel vaker: Uithoorn wordt, dat is mijn idee, steeds meer een forensendorp. Mensen wonen hier, maar werken ergens anders en hebben hun sociale leven elders. Ik wil die sociale cohesie weer terug. Het is er wel hoor. Dat heb ik gemerkt aan het begin van de coronacrisis. Spontaan werden allerlei initiatieven gerealiseerd om elkaar te helpen. Prachtig om te zien. Ik zou heel graag willen dat het waakvlammetje weer aangewakkerd wordt. En daar zet ik me 100 procent voor in. 

Onlangs hebben we het project ‘Dit zijn wij Uithoorn!’ afgerond. In dit project zijn inwoners die elkaar niet kennen met elkaar in gesprek gegaan. Het is een cliché, maar onbekend maakt onbemind. Mensen vinden het lastig om een gesprek aan te gaan met een persoon die ‘ver’ van ze afstaat. Met als gevolg dat er vooroordelen ontstaan. Daarom is het zo belangrijk dat je met elkaar in gesprek gaat. We gaan verder met het project. Want er ontstaat na een project niet ineens ‘sociale cohesie’. Daar is meer voor nodig. Houd de lokale media, de sociale media van de gemeente en de website ditzijnwijuithoorn.nl in de gaten voor meer informatie.” 

“Verder is mijn grootste portefeuille (takenpakket) het sociaal domein. Daar ben ik blij mee, want net als Ria Zijlstra, wil ik me hard maken voor mensen die het minder hebben. Bij de gemeente zijn we nu bezig met de uitvoering van het zogenoemde koersplan sociaal domein. Kort gezegd is het idee erachter dat inwoners die (financiële) hulp of zorg nodig hebben veel meer maatwerk krijgen. We willen naast de inwoner staan, in plaats van erboven. Dus samen met de inwoner bepalen welke hulp nodig is. In plaats van dat de gemeente dat alleen beslist. Ik weet dat dat niet altijd het geval is geweest en ik zal niet zeggen dat alles nu perfect is. Maar ik durf wel te zeggen dat we op de goede weg zitten.

Het koersplan krijgt steeds meer handen en voeten. En dat is belangrijk! We moeten als gemeente de inwoner zo goed mogelijk helpen en duidelijk aangeven wat er mogelijk is en welke kansen er zijn. In plaats van aangeven wat er niét mogelijk is.”

U bent wethouder geworden op het moment dat we in een lange lockdown zaten. Was dat moeilijk?
“Ik denk dat iedereen die een nieuwe baan heeft gekregen tijdens de coronacrisis het niet makkelijk heeft gehad. Maar waar een wil is, is een weg! Ik wilde heel graag snel kennismaken met onze samenwerkingspartners. En dat ging natuurlijk moeizamer, omdat we elkaar niet konden bezoeken. Maar gelukkig hebben we Teams. Ik heb dus veel mensen via een beeldscherm leren kennen. Ach, het is niet ideaal, maar het lukt ook! 

Nu is het weer iets makkelijker om fysiek op werkbezoek te gaan. Onlangs ben ik bijvoorbeeld met jongerenwerkers van PerMens (voorheen Streetcornerwork, red.) de straat opgegaan om in gesprek te gaan met de jongeren. Ik wil dat vaker gaan doen. Dat is ook zo leuk aan het wethouderschap. Je staat midden in de samenleving. Dat is natuurlijk ook nodig om te weten wat er speelt. Daarom hecht ik veel waarde aan de werkbezoeken die we als college afleggen.”

U bent voordat u wethouder werd maar liefst elf jaar raadslid geweest in de gemeente Uithoorn. Is dat een voordeel?
“Jazeker. Omdat je dan veel dossierkennis hebt. Ik was dus al goed op de hoogte wat er allemaal speelt. Niet alleen binnen de gemeentelijke organisatie, maar ook in de samenleving.”